4-1636/1

4-1636/1

Belgische Senaat

ZITTING 2009-2010

4 FEBRUARI 2010


Wetsvoorstel tot wijziging van de notariswet en het Burgerlijk Wetboek, teneinde het opmaken van testamenten in het algemeen en het openbaar testament in het bijzonder te stimuleren

(Ingediend door de heer Guy Swennen)


TOELICHTING


Dat erfenissen een bron zijn van betwistingen en ruzie voor het leven tussen de erfgenamen wordt sinds jaar en dag blijkbaar ervaren als een niet te vermijden fenomeen in onze samenleving. Uit een recente enquête van de krant De Tijd — bijlage Netto (9 juni 2007) blijkt het om ronduit indrukwekkende aantallen ruzies te gaan. Van de 10 ondervraagden die ooit al een erfenis ontvingen, zijn er niet minder dan 4 die daarover ruzie hadden of nog hebben met een andere erfgenaam. Net niet de helft wordt dus tengevolge van een erfenis geconfronteerd met ruzie. Die ruzie blijkt bovendien in liefst 6 van de 10 gevallen te leiden tot een blijvende verbreking van de familiebanden. In de Nederlandse Volkskrant werd op vrijdag 1 april 2005 op basis van een onderzoek van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) gesteld dat in ruim een kwart van de families ruzie ontstaat over de erfenis en dat het steeds vaker voorkomt. KNB kwam tot die conclusie op basis van een onderzoek bij meer dan honderd leden. Tien procent van de bevraagde notarissen stelde zelfs dat het bij de helft van de erfenissen tot ruzies komt. Een ander Nederlands onderzoek (Het Volk van 10 april 2007) kwam ook tot de vaststelling dat erfenisverdelingen in een kwart van de families tot ruzie of breuk leidt. Familietherapeute Else-Marie van den Eerenbemt ondervroeg 1 821 mensen in dat verband. Als men daarbij voor ogen houdt dat de familieleden en rechtstreekse omgeving van de erfgenamen bij wijze van spreken participeren in die ruzies en er ook nog rekening mee houdt dat zogezegde opgeloste ruzies niet in de cijfers vervat zitten doch wel een blijvende onderhuidse wrevel veroorzaakt hebben, dan is het duidelijk dat erfenissen een bron van verzuring zijn tussen een gigantisch hoog aantal mensen in onze samenleving, en blijkbaar ook in Nederland.

De Koninklijke Federatie van Belgische Notarissen bevestigt de omvang van de erfenisruzies. Er zijn geen cijfers beschikbaar over het aantal gerechtelijke procedures inzake erfenissen, doch een rondvraag leert dat het niet om bijzonder grote aantallen gaat. Omdat de erfgenamen na een relatief korte periode of na jarenlang geruzie opteren voor de afhandeling, en het zekere boven het onzekere verkiezen, een lange en kostelijke gerechtelijke procedure willen vermijden, en tegelijkertijd een punt willen zetten achter een pijnlijke ervaring van kommer en kwel, ergernis en andere ellende, toch doet deze vaststelling niets af aan het feit dat het geschetste kwaad van de onherstelbare geslagen wonden een brede maatschappelijke realiteit is. Die van de vele vechterfenissen. In de volksmond wordt de oorzaak ervan al rap geklasseerd als een gevolg van veelal opgekropte wrijvingen die al lang in familieverband sluimeren en aan de oppervlakte komen bij het openvallen van de erfenis. Diezelfde volksmond stelt dat geld en hebzucht altijd wel doet vechten. Ongetwijfeld bevatten die stellingen een kern van waarheid. Andere verklaringen van de (toenemende) erfenisruzies zijn volgens geciteerde Nederlandse onderzoeken divers van aard, en zijn voorzeker van toepassing als verklaring van heel wat vechterfenissen in ons land : mondigere burgers, lossere familiebanden, een algemene « verruwing » van onze samenleving, een groeiend aantal stiefoudersituaties en nieuwsamengestelde gezinnen in het algemeen, het ontbreken van een testament.

Uit een grondige studie van ons erfrecht blijkt daarnaast een andere waarheid die onthutsend is : onze wetgeving inzake erfrecht is de oorzaak van heel veel erfenisruzies, omdat ze achterhaald is, wegens nog uit de Napoleontische tijd daterend. Of omdat die wetgeving onduidelijk is, of ronduit van aard om ruzie te veroorzaken. Niemand zal tegenspreken dat het de plicht is van de wetgever om elke onderdeel in het erfrecht dat aanzet of verplicht tot vechterfenissen te schrappen of te veranderen. Maar er is meer, de uitdaging moet groter zijn : waarom geen bepalingen in ons erfrecht opnemen die bewust preventief ruzies voorkomen ? Zo een wetgevende vernieuwing moet hand in hand gaan met een algemene modernisering van ons erfrecht, die voluit oog heeft voor een heel nieuwe maatschappelijke werkelijkheid.

Huidig voorstel is onderdeel van een reeks wetsvoorstellen die in dat verband een effectieve trendbreuk willen realiseren. Het is in wezen een schoolvoorbeeld van hoe de overheid met doelgerichte en vernieuwende wetgeving een actieve preventieve rol kan spelen om niet alleen erfenisruzies tegen te gaan, maar ook meer gelijkheid inzake erfrecht tussen de burgers van dit land te bevorderen, dit niet met bijkomende regels, maar met een stimulerend en bewustmakend beleid. Het betreft de problematiek van de testamenten. Op het vlak van de vechterfenissen doet zich inzake testamenten een dubbel fenomeen voor. Enerzijds zijn testamenten een bron van erfenisruzies en anderzijds is het gebrek aan een testament ook een gigantische bron van tumultueuze en pijnlijke erfenisbetwistingen. De eerste grote doelstelling van dit voorstel is een hervorming van onze wetgeving inzake testamenten die vechterfenissen zoveel mogelijk voorkomt. Dat houdt een dubbele ingreep in : het structureel vermijden van slechte testamenten en het zoveel mogelijk stimuleren van degelijke testamenten. Deze idee van het stimuleren van testamenten brengt ons dan bij de tweede grote doelstelling van dit voorstel : het zoveel mogelijk verbreden van de successieplanning. Zoals verder zal blijken is dit een toenemende maatschappelijke praktijk waar in de huidige gang van zaken hoofdzakelijk de economisch sterkeren en hogeropgeleiden hun weg naar en in vinden. En dus worden met het stimuleren van de testamenten de spreekwoordelijke twee vliegen in één klap gevangen.

Het eigenhandig testament

— Voorwaarden en vormvereisten

Zoals de term aangeeft dient dit testament volledig met de hand geschreven te zijn. Dit testament wordt soms ook het holografisch testament genoemd. Om geldig te zijn moet het eigenhandig testament aan drie voorwaarden voldoen.

Ten eerste dus met de hand geschreven zijn door de erflater zelf. Het gebruik van een pc is uit den boze en er mag geen enkel woord door iemand anders dan de erflater geschreven worden. Uiteraard dient er dus steeds een geschrift te zijn : een mondeling testament, ingesproken op bijvoorbeeld een dvd-opname of een dictafoon is van geen waarde.

Ten tweede, het testament moet gedateerd zijn, waarbij het jaartal, de maand en de dag eigenhandig geschreven geen misverstanden mogen laten bestaan.

Ten derde, het testament moet door de erflater ondertekend zijn. De handtekening wordt door het Hof van Cassatie omschreven als « het met de hand geschreven teken waarmee de erflater gewoonlijk zijn persoonlijkheid aan derden te kennen geeft ».

— De voordelen van het eigenhandig testament

Als een belangrijk voordeel beschouwen velen de kosteloosheid; voor de opstelling ervan is geen tussenkomst van een notaris vereist. Er zijn buiten de hogeropgesomde voorwaarden geen formaliteiten en die eenvoud maakt dit testament laagdrempelig en dus populair.

Een ander voordeel is het geheim ervan : in principe is enkel de erflater op de hoogte en zo is desgewenst absolute discretie gegarandeerd.

De erflater kan daarenboven zonder problemen op elk ogenblik het testament vernietigen en/of vervangen door een nieuw testament, of hij kan er wijzigingen of aanvullingen op aanbrengen. Ook in wat als noodgevallen ervaren wordt of in gevallen waar men nog snel wil overgaan tot de opmaak van een testament, is het eigenhandig testament de aangewezen testeervorm. Ook als men regelmatig van mening verandert of als de vermogenssituatie helemaal anders evolueert, is het eigenhandig testament handiger dan telkens opnieuw naar de notaris te stappen.

— De nadelen van het eigenhandig testament

De lijst van de nadelen is lang : bij de opmaak van een eigenhandig testament is er geen juridische bijstand voor de erflater waardoor hij mogelijk in de fout gaat door ofwel de vorm- of geldigheidsvereisten niet na te leven, met nietigheid van het testament tot gevolg, ofwel doordat hij de normale erfopvolging of devolutie doorkruist waardoor het testament geheel of gedeeltelijk onuitvoerbaar is, nog los van de complicaties en betwistingen die dit tot gevolg heeft. Een eigenhandig testament heeft zoals elke onderhandse akte slechts een beperkte bewijskracht. Het kan betwist worden om redenen die er eigen aan zijn : men kan trachten te bewijzen dat de datum vals is, dat het gemaakt werd op een ogenblik waarop de erflater niet helder van geest was, de erfgenamen kunnen het handschrift van de erflater ontkennen en de erfgenaam die zich op het testament beroept door een onderzoek doen bewijzen dat het handschrift wel degelijk van de erflater is; de kans op verlies van een eigenhandig testament is groot, het kan vernietigd worden, nooit ontdekt worden en ofschoon degene die in het bezit is van een eigenhandig testament het bestaan ervan niet mag verzwijgen na de dood van de opsteller ervan, is de realiteit dat het testament in veel gevallen nooit het daglicht zal zien indien het in de « verkeerde handen » terechtkomt, bij een erfgenaam bijvoorbeeld die een testament ontdekt en vaststelt dat hij onterfd werd.

Het hoger geschetste gebrek aan juridische bijstand heeft — bovenop de mogelijke nietigheid en/of onuitvoerbaarheid — nog een ander nadeel : de gemiste kans op informatie over en uitvoering van de mogelijkheden van vermogens- of successieplanning.

Daarbovenop kan men de retorische vraag stellen of dit niet de testamentvorm is waarbij de onafhankelijkheid van de erflater allesbehalve gegarandeerd is : de mogelijkheid van ongepaste beïnvloeding is bijzonder groot.

Ten slotte — hoewel dit nadeel zich voordoet na het overlijden van de erflater — dient het eigenhandig testament voor uitvoering neergelegd te worden onder de minuten van een notaris, een afschrift moet overhandigd worden aan de voorzitter van de rechtbank, de inbezitstelling dient uitgesproken (zie artikel 976 Burgerlijk Wetboek), kortom er zijn nog heel wat formaliteiten en kosten.

Een aantal van de aangehaalde nadelen van het eigenhandig testament, en inzonderheid die met betrekking tot de bewaring, kunnen opgelost worden door het testament te overhandigen aan een notaris die het vervolgens inschrijft in het centraal register van testamenten. Daaraan is dan wel weer een prijskaartje verbonden. De inschrijving in het centraal register testamenten bedraagt alvast een 45 euro.

Uiteraard biedt dit geen oplossing voor de andere hierboven aangekaarte problemen, inzonderheid de deskundige begeleiding inzake successieplanning die voor elke individuele situatie anders ligt en de gelijkheid van de burger inzake deze (toegang tot) successieplanning.

— Het eigenhandig testament : een bron van vechterfenissen en (rechts)onzekerheid

Het is duidelijk dat de voordelen van een eigenhandig testament niet opwegen tegen de talrijke nadelen. Het staat als een paal boven water dat deze nadelen niet alleen een rijkelijke bron zijn van erfenisruzies maar ook van lange en kostelijke procedures, wat bij andere vechterfenissen minder het geval is, ook al omdat het bij betwistingen van een testament in heel wat gevallen een kwestie van alles of niets is. De argumenten om deze nadelen van het eigenhandig testament zoveel mogelijk uit te schakelen zijn legio. De voordelen ervan zijn niet te onderschatten.

Het openbaar of authentiek testament

— Modaliteiten

Het openbaar of authentiek testament, ook notarieel testament genoemd, is een testament gedicteerd door de erflater aan de notaris in het bijzijn van twee getuigen of een tweede notaris. Nadat de notaris het testament opgemaakt heeft (het dient inmiddels niet meer geschreven te zijn) dient de erflater het te tekenen samen met de getuigen en de notaris. Precies daarom noemt men het dus ook een openbaar testament. De notaris is belast met de bewaring van het testament en hij zal het laten inschrijven in het Centraal Register van de Testamenten (CRT).

— De voordelen van het openbaar testament

Het groot voordeel van dit soort testament is dat de erflater bij de opstelling ervan wordt bijgestaan door een juridisch deskundige. De kans op nietigheid wegens niet-naleving van vormvoorwaarden of onduidelijkheid is daardoor zo goed als uitgesloten; de notaris biedt ook de kans op advies over diverse mogelijkheden inzake successieplanning. Dit testament maakt het voorwerp uit van een authentieke akte, waardoor het een grotere bewijskracht heeft dan een onderhandse akte (eigenhandig testament) : de enige mogelijkheid om het aan te vechten is een strafrechtelijke procedure van valsheid in geschrifte tegen de notaris.

De notaris is ook belast met het bijhouden of bewaren van het testament : de kans op het verloren gaan of bewuste vernieling als het testament in « verkeerde handen » terecht komt, is uitgesloten. De notaris dient voor de uitvoering van het testament te zorgen na het overlijden van de testator. Zodra hij weet heeft van het overlijden, zal hij de erfgenamen samenroepen in zijn kantoor, en hen het testament voorlezen om vervolgens erover te waken dat de wensen van de erflater uitgevoerd worden. In tegenstelling tot het eigenhandig testament kan het openbaar testament dus zonder formaliteiten uitgevoerd worden. Ook de opname in het Centraal Register van de Testamenten is een pluspunt.

— De nadelen van het openbaar testament

De minpunten van het openbaar testament zijn zowat het spiegelbeeld van een aantal voordelen van het eigenhandig testament : de opmaak van een testament bij een notaris blijkt tussen de 200 en 300 euro te kosten. Het geheim is niet absoluut, omdat er één notaris en twee getuigen of twee notarissen bij betrokken zijn. De tussenkomst van de notaris is voor velen — los nog van de discretiekwestie — een serieuze psychologische drempel. En als noodoplossing, als het snel moet gaan, bijvoorbeeld net voor men op vakantie gaat, ontbeert de opmaakmogelijkheid op een notariskantoor de nodige snelheid. Ook voor jonge mensen, wier familiale situatie en beroepsloopbaan nog onzeker is, zou het openbaar testament geen adequate oplossing vormen. Ook voor mensen die om de haverklap van mening veranderen is, ook gelet op de kostprijs, een openbaar testament geen ideale formule.

— Het openbaar testament biedt rechtszekerheid en voorkomt vechterfenissen

Zonder twijfel zijn de voordelen van het openbaar testament gigantisch in vergelijking met het eigenhandig testament. Een mogelijke piste zou de afschaffing van het eigenhandig testament kunnen zijn. Maar er zijn nu eenmaal een beperkt aantal voordelen verbonden aan het eigenhandig testament, die in om het even welke hervorming van het notarieel testament niet verwerkt kunnen worden : de absolute discretie en de snelheid, het gebrek aan enige formaliteit. Deze drie factoren samen maken dat het recht om eigenhandig een testament op te stellen als een essentieel onderdeel van de persoonlijke vrijheid ervaren wordt. Getuige daarvan de wereldwijde en eeuwenlange traditie van deze testamentvorm.

Om die redenen wordt in huidig voorstel geopteerd voor een andere oplossing waarbij twee sporen worden bewandeld, welke hierna toegelicht zullen worden : enerzijds een zeer krachtige stimulering van het notarieel testament, om niet alleen op die wijze de eigenhandige testamenten in aantal te doen afnemen, maar ook om het aantal testamenten te doen toenemen; anderzijds een stimulering van een tussenoplossing die de nadelen van het eigenhandig testament zoveel mogelijk opvangt.

Het internationaal testament

Het internationaal testament of het testament in internationale vorm is betrekkelijk recent opgenomen in ons rechtsbestel. Door een wet van 11 januari 1983 werd immers het Internationaal Verdrag van Washington van 26 oktober 1973 goedgekeurd. De totstandkoming is enigszins complex en formalistisch. Deze testeervorm verdient aanbeveling in die gevallen waarbij één of meer goederen of personen het nationale kader overstijgen. Een internationaal testament wordt immers aanvaard door de interne wetgeving van de Staten die het internationaal testament erkend hebben. Omdat het bestaan van dit testament, noch de vorm ervan in vraag gesteld worden in huidig voorstel, wordt niet ingegaan op de precieze formaliteiten ervan.

De positieve functie van een testament

Erfenissen worden in heel wat gevallen snel vergiftigde geschenken. De allerbelangrijkste methode om vechterfenissen te voorkomen, is dat de erflater alles vóór zijn dood zo regelt dat betwisting tussen de erfgenamen uitgesloten wordt, minstens zo veel mogelijk vermeden wordt. Dit kan op verschillende manieren, waarbij de schenkingen tijdens het leven ongetwijfeld vanuit fiscaal oogpunt de meeste mogelijkheden bieden : de successierechten kunnen geheel uitgeschakeld worden. Met een testament kan dat niet hoewel een testament ook heel wat mogelijkheden biedt tot wat men optimalisatie noemt. Heel wat mensen kiezen zeer bewust voor een testament omdat men alle vrijheid wil behouden, het oude gezegde indachtig dat men zich best niet uitkleedt vóór het slapengaan. Voor velen een cruciale kwestie van gemoedsrust.

Buiten het feit dat een testament een belangrijke hefboom kan zijn om vervelende situaties tussen de erfgenamen te voorkomen, zorgt het er ook voor dat de wensen van de erflater na zijn overlijden worden uitgevoerd. Voor nabestaanden kan dat een heilzaam positief effect hebben, te weten wat de wil van de overledene was. Het grote voordeel is dat er duidelijkheid geschapen wordt. Dit is wat men soms een stabiliserend testament noemt, een testament dat helpt om ruzies te voorkomen. Een in een testament uitgewerkte verdeling van bepaalde goederen in de erfenis kan heel wat familieruzies vermijden. Psychologisch zal men meestal de door moeder of vader opgelegde en door hen gekozen verdeling sneller accepteren dan wanneer deze buiten hen om en na hun overlijden tussen de kinderen moet overeengekomen worden. De wil van de overledene wordt nog altijd met veel respect bejegend. Een gekend voorbeeld van zo een stabiliserend testament doet zich voor bij zowel grote als kleine ondernemingen. Het is meer dan aangewezen dat bijvoorbeeld één van de kinderen die al jaren in de zaak meewerkt de aandelen verkrijgt, en de andere kinderen daarvoor compensatie krijgen. Als dat voorwerp van onderhandelingen tussen de kinderen moet zijn, is dat een beduidend meer explosieve situatie dan indien het bij testament bepaald is.

Een billijkheidstestament kan bijvoorbeeld een gehandicapt kind meer doen erven dan de andere kinderen. Uiteraard kan een testament ook niet-patrimoniale bepalingen bevatten, bijvoorbeeld over de wijze van lijkbezorging (crematie of begraving). Ook zo worden mogelijke betwistingen in de kiem gesmoord.

De sociale kloof inzake erfplanning

Er is traditioneel bijzonder weinig cijfermateriaal over de Belgische testamentcultuur beschikbaar. Volgens een cijfer dat dateert van begin de jaren negentig van de vorige eeuw worden van de Belgische nalatenschappen er 16 % testamentair vererfd. Toen bleek dat bij een vermogen van meer dan 50 000 euro het aantal testamentair vererfde nalatenschappen reeds 27 % was.

Recentelijk heeft de Koninklijke Federatie van Belgische Notarissen een « notarisbarometer » opgestart. Uit het persbericht hieromtrent citeren we : « Opvallend is dat er tijdens het tweede kwartaal (van 2009) ook minder testamenten werden afgesloten : een daling van 9 % tegenover het eerste trimester en van 15 % ten opzichte van het tweede trimester van 2008. « Burgers stellen dus ook het opstellen van hun testament uit in tijden van crisis. Dat is paradoxaal omdat een testament een middel is om (familie)regelingen uit te werken », aldus de notarissenfederatie.

Voor twee vaststellingen heeft men echter geen wetenschappelijk studiemateriaal nodig.

Ten eerste dat mensen met een groter vermogen door de aard der zaken regelmatig deskundigen inzake geldbeheer en vermogensplanning contacteren, waardoor zij de weg naar de erfenisplanning ook veel gemakkelijker vinden en dus onder meer ook naar testamenten. Ten tweede is in de voorbije jaren de aandacht voor de successieplanning toegenomen, waarbij de technieken en methodieken verfijnd zijn, mede door de nieuwe maatschappelijke werkelijkheid. Het is evident dat mensen met een hogere scholing beter geïnformeerd zijn en daar sneller en meer gebruik van maken, waardoor de sociale kloof in dit verband nog stijgt.

Hoeveel burgers zouden volgende mogelijke optimalisatie-clausules voor een testament kennen : het restlegaat, het Ik-Opa-testament, het duolegaat ?

Als men die overwegingen tegen het licht houdt van de bevindingen van de recente enquête van de krant De Tijd — bijlage Netto (september 2008) dan krijgt men een idee van hoe groot de ongelijkheid ter zake wel zijn moet. Voor de enquête polste Netto bij 1 050 Belgische veertigplussers naar hun ervaring met planning en voorbereiding van, kennis en opinie over erfenissen. Daaruit blijkt dat slechts 35 % van de Belgen op de hoogte zijn van de absolute basisregels van het erfrecht. 85 % van de Belgen ouder dan 40 jaar heeft nog niets ondernomen om zijn erfenis te regelen, amper een kwart dacht al na over wat er na zijn dood met zijn vermogen zal gebeuren en zocht al informatie over erfenisplanning. En ten slotte, van de Belgen die de overdracht van hun vermogen naar de volgende generatie wel al hebben voorbereid heeft 1 op de 3 dat op eigen houtje gedaan.

Structurele hefbomen om het maken van een testament door alle bevolkingslagen te bevorderen en het notarieel testament voluit te promoten

1. DE INVOERING VAN DE GRATIS OPMAAK VAN EEN NOTARIEEL TESTAMENT EN/OF EEN GRATIS SUCCESSIEPLANNINGSGESPREK

De kosteloosheid is de belangrijkste reden waarom mensen kiezen voor het eigenhandig testament en niet voor het notarieel testament.

De kostprijs blijkt bij nader inzien niet zo hoog te zijn, maar de perceptie is anders en versterkt de psychologische drempel die er voor velen op zich nog altijd is om de stap naar een notaris te zetten. Een notarieel testament kost in België tussen de 200 en 300 euro, vergelijkbaar met de kostprijs in Nederland : tussen de 149 en 298 euro. De Spaanse testator is het goedkoopst af : hij betaalt slechts 31,61 euro. Frankrijk lijkt met een maximumprijs van 45,92 euro relatief goedkoop, maar daar staat tegenover dat de notaris bij het openvallen van de nalatenschap recht heeft op 0,825 % van de waarde daarvan. In Luxemburg varieert de prijs tussen 74,37 en 396,63 euro, in Oostenrijk kost het 150 euro, een Duitser betaalt ongeveer 300 euro en een Italiaan 500 euro. Ook in dit Europees vergelijkend perspectief springt de kostprijs van een notarieel testament niet uit de band.

Dit alles neemt niet weg dat als men het notarieel testament een fikse duw in de rug wil geven ten koste van het eigenhandig testament en de Belgische testamentcultuur in het algemeen wil stimuleren, de drempel van de kostprijs wegwerken de ideale piste is. En als men dit doet en echt drastische verandering wil brengen, dient men dit fundamenteel te doen. Het is ook een kwestie van perceptie en marketing.

Gratis opmaak authentiek testament door de notaris, gratis successieplanningsgesprek

Voorgesteld wordt dat iedere burger in dit land welke over de nodige rechtsbekwaamheid beschikt om te testeren, recht heeft op een gratis informatiegesprek met de notaris over de mogelijkheden van successieplanning aan de hand van de individuele situatie van betrokkene en als de betrokkene dat wenst ook op de gratis opmaak van een notarieel testament. Uiteraard dient er een buffer ingebouwd om misbruik te voorkomen, in die zin dat de poort niet mag opengezet worden voor een lange reeks kosteloze raadplegingen van de notaris om het testament om de paar maanden te wijzigen of te vervangen. Iedereen krijgt tweemaal het recht impliceert om van mening te veranderen (en dat bijgevolg ook dat de twee navolgende, wijzigende testamenten, in combinatie met de deskundige begeleiding inzake het opzet van deze testamenten, gratis gebeuren).

Eens deze « gratis beurten » uitgeput zijn, wordt het normale tarief voor het opmaken van een notarieel testament van kracht, behoudens evenwel indien de persoonlijke situatie van de erflater ten gronde gewijzigd wordt en dit het opzet van de testamentaire beschikkingen doorkruist. We denken dan inzonderheid aan (echt)scheiding of het vooroverlijden van erfgenamen in de rechte lijn, die maken dat de testator nieuwe, wijzigende of aanvullende beschikkingen zal willen formuleren.

De kostprijs voor inschrijving in het centraal register der testamenten wordt afgeschaft voor notariële testamenten en behouden voor eigenhandige testamenten

Als kostprijs voor de inschrijving in het CRT wordt doorgaans 50 euro aangerekend. Dit wordt afgeschaft voor de notariële testamenten en behouden voor de eigenhandige testamenten : dit om maximaal de promotie voor het authentiek testament te voeren. Niet-geregistreerde eigenhandige testamenten bieden meestal het minst rechtszekerheid. Geregistreerde eigenhandige testamenten komen in veel gevallen tot stand na een gesprek met de notaris, en zijn meer rechtszeker, maar sluitend is het in heel wat gevallen niet. Bewust wordt geen onderscheid gemaakt tussen de twee « soorten » eigenhandige testamenten.

Gratis voor de burger, een beetje pro deo voor de notaris, of misschien zelfs nog niet

De compenserende bedrijfsaftrek

Betekent één en ander dat het notariaat dan zomaar verplicht wordt aan heel deze operatie gratis mee te werken ? Neen, er wordt enerzijds inderdaad een tastbare bijdrage van het notariaat gevraagd maar anderzijds wordt er in een compenserende bedrijfsaftrek voorzien die evenwel ongeveer neerkomt op de helft van de huidige kostprijs.

De opgelegde bijdrage door het notariaat wordt verantwoord vanuit het gegeven dat er voor de advocatuur een pro-deosysteem bestaat, waarbij aldus een bijdrage geleverd wordt aan de toegankelijkheid van de rechtsingang. Mutatis mutandis is de hier voorgestelde regeling daar een variant van. De invoering van het pro-deosysteem voor het notariaat enkel met het oog op de promotie van het openbaar testament, zou te omslachtig zijn en te veel formaliteiten voor de burger meebrengen en dus in feite zelfs drempelverhogend zijn. Het vergoedend puntensysteem bij de advocatuur kan in dit voorstel vergeleken worden met de compenserende bedrijfsaftrek. Om de compenserende bedrijfsaftrek te realiseren wordt voorgesteld dat bij elke registratie van een testament op naam van een inwoner van dit land een bedrijfsaftrek van 125 euro kan gebeuren behoudens indien de drempel die hierboven geschetst is, overschreden is.

Bij kb kan dit bedrag aangepast worden teneinde de index der prijzen te volgen.

Misschien zelfs geen beetje pro deo

De voorgestelde maatregelen zullen zonder de minste twijfel een toevoereffect hebben richting het notariaat. Tal van aktes inzake successieplanning zullen het gevolg zijn, ook een tastbare compensatie. Of meer dan dat ...

Geen compensatie voor gratis successieplanningsgesprek

In de huidige praktijk zijn vele gegeven adviezen al gratis. Door het principe in de wet in te schrijven zal eveneens een compenserend toevoereffect onstaan.

2. GEEN GETUIGEN MEER BIJ EEN NOTARIEEL TESTAMENT

Uit de praktijk blijkt dat heel velen opteren voor een eigenhandig testament omdat ze een fundamenteel probleem hebben met de twee getuigen. Dit wordt gezien als een fundamentele inbreuk op de gewenste discretie.

Tot heden is vastgehouden aan de vereiste dat twee getuigen het notarieel testament medeondertekenen. Deze vormvoorwaarde gaat terug naar het napoleontische tijdperk, met een inmiddels grondig gewijzigde maatschappij, zowel ten aanzien van de personen die een testament wensen op te maken en hun beoordelingsbekwaamheid, de waarde en de omvang van goederen en de houding tegenover de openbare ambtenaar, die de notaris is. De tijd is rijp om deze archaïsche regeling, die getuigt van wantrouwen zowel ten aanzien van de testator als jegens van de notaris, op te heffen.

Guy SWENNEN.

WETSVOORSTEL


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2

In de wet van 16 maart 1803 (25 ventôse jaar XI) tot regeling van het notarisambt wordt een artikel 9/1 ingevoegd, luidende :

« Art. 9/1. — § 1. De opmaak, de bewaring en de inschrijving in het centraal register van testamenten bij openbare akte gebeuren gratis door de instrumenterende notaris.

Hetzelfde geldt voor eventuele wijzigingen door de testator, evenwel beperkt tot twee wijzigingen.

Volgende wijzigingen zijn slechts gratis indien de persoonlijke toestand van de testator ingrijpend gewijzigd zijn ingevolge scheiding of vooroverlijden van een reservataire erfgenaam.

§ 2. Ter compensatie voor de dienstverlening door de notaris is deze gerechtigd per prestatie bedoeld in paragraaf 1 een belastingaftrek in te schrijven van maximaal 125 euro.

De Koning bepaalt de nadere werkwijze hiertoe, evenals de aanpassing van bovenstaand bedrag aan de evolutie van het indexcijfer. ».

Art. 3

In artikel 10 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :

1º in het eerste lid wordt de bepaling onder 1º opgeheven;

2º ‏het laatste lid wordt opgeheven.

Art. 4

In artikel 971 van het Burgerlijk Wetboek, vervangen bij de wet van 16 december 1922, worden de woorden « in tegenwoordigheid van twee getuigen » geschrapt.

28 december 2009.

Guy SWENNEN.